|
|
|
Publicaties
Hieronder de complete lijst met artikelen die door IMSA zijn geschreven of over ons zijn verschenen. Klik in het menu hiernaast voor een overzicht per jaartal.
28 oktober 1996 - Wouter van Dieren
Pleidooi voor een ander IJsselmeer
Dezer dagen heeft premier Kok voor de zoveelste keer zijn oog laten
vallen op de Markerwaard om een volgend Schiphol aan te leggen. Daarmee
valt hij in herhaling, want al sinds 1969 hebben voorgaande regeringen
dezelfde wensen gekoesterd. Het is er nooit van gekomen, en de
Tweede Luchthavenplannen waren zelfs aanleiding om de hele Markerwaard
van de kaart te vegen. Sindsdien rust er een taboe op het open
IJsselmeergebied; elk nieuw inpolderingsplan stuit op onwrikbare
posities en politieke emoties. Enige jaren geleden deed een
traditionele lobbygroep nog een paar pogingen voor wat kleinere
Markerwaardjes, maar veel had dat niet om het lijf, en het plan werd
weggevaagd.
Ook de nieuwste gretigheid zal niet worden beloond, omdat juist dit
gebied symbool staat voor de verdediging van waarden die door de
traditionele expansie-economie niet worden begrepen. Het is tot hier en
niet verder – zo veel maken de tientallen organisaties die zich met de
voormalige Zuiderzee bemoeien, wel zeer duidelijk.
Vanaf het begin dezer acties hebben de oprichters van de
IJsselmeervereniging, Marten Bierman en ondergetekende, duidelijk
gesteld dat het gebied planologisch en ecologisch zwak is ontwikkeld.
Barse dijken van basalt omgrenzen een holle binnenzee met weinig
ecologische diversiteit; het ornithologische abattoir van de
Afsluitdijk en de overige doorgaande dijkwegen eist ontelbare dode
vogels, waarvan de oorzaak is gelegen in de abrupte, zeer
on-ecologische gradiënten van zout naar zoet en van water naar beton.
De waterkwaliteit is relatief verbeterd, maar nog altijd niet goed. In
warme tijden slaat de eutrofiëring meteen toe en bijgevolg leidt de
dan volgende anaerobe toestand van het warme water tot vis- en
vogelsterfte. Voor recreatie en drinkwatervoorziening blijft deze
toestand kritiek.
Het IJsselmeer is belangrijk voor de watersport, maar het is er slecht
mee gesteld. Grote delen van het water zijn moeilijk bevaarbaar door
een korte, hoge golfslag, ondiepte en het onaantrekkelijke decorum. Het
aantal havens is beperkt en wat er wel is kenmerkt zich door
grootschaligheid en onpersoonlijkheid, de oude haventjes uitgezonderd
(die overigens in het seizoen overbelast zijn). De surfgebieden aan de
randen zijn druk bezocht maar slecht toegankelijk. Veel kustlocaties
zijn overbelast door foeilelijke caravancampings en smakeloze
toeristenattracties. Rond het IJsselmeer hangt in het recreatieseizoen
de vette lucht van slechte smaak en braderie.
Terwijl het IJsselmeer de enige overloopruimte voor de overvolle
Randstad is, mag het niet verder worden aangetast. Een eenvoudig plan
voor een paar eilandjes en verbeterde faciliteiten bij Den Oever stuit
ten slotte bij de Raad van State op een formele afwijzing. De
aanzienlijk verdergaande plannen voor IJburg, de stadsuitbreiding van
Amsterdam die het hele Gooi zal aantasten, ontmoeten groeiende
tegenstand. Procedures tegen slibdepots en recreatie-uitbreiding zijn
even frequent als conflicten rond zandwinning, visserij en vogelstand.
De milieu-organisaties hebben er dagwerk aan.
Nu het Groene Hart van Zuid-Holland enerzijds tot een ferme groene zone
is verklaard, maar anderzijds zwaar onder druk staat, is er een
politieke en sociale overdruk gegroeid die een ventiel behoeft naar een
visionaire ruimte elders. Een nieuwe Noordzeekust zal er op den duur,
over een eeuw of zo, zeker komen, vijf à tien kilometer uit de huidige,
te beginnen met het Watermanplan. Maar het IJsselmeer ligt eerder voor
de hand. Het is toegankelijker, de tegenspraken van het gebied zijn te
evident en de potenties ervan groot, tenminste wanneer voor een
volstrekt ander uitgangspunt wordt gekozen.
Dit uitgangspunt heet natuurbouw, en dat is een hovaardig principe. Het
veronderstelt dat de mens de natuur begrijpt en naar zijn hand kan
zetten, sterker nog, dat hij ook waarlijk grootse natuur kan creëren.
In realiteit is dat ook zo, maar de Waterstaattraditie van de laatste
eeuw heeft dat principe overwoekerd. Terwijl Nederlanders eeuwenlang
uit oude, woeste gronden een cultuurlandschap bouwden dat gaandeweg ook
hoogwaardige natuur werd, heeft de moderne utilistische civiele
techniek deze principes vergeten of terzijde geschoven. Terecht hebben
de groene organisaties zich verzet tegen de basalttechniek die het land
in zijn greep heeft genomen. De Markerwaard moest van de kaart omdat de
polder een zoveelste uitgave van de lelijkheid zou zijn geworden. De
natuurbescherming denkt en leeft vanuit de chaostheorie, de civiele
techniek beoogde tot voor kort totale beheersing, en het onbedoelde
effect was en is destructie en gewelddadigheid. Wie dat hardop zegt
wordt niet geloofd. Men heeft toch het beste voor met landschap en
infrastructuur? Misschien is dat ook wel zo; maar helaas vergrijpt zich
na enige tijd het poenig gezelschap van projectontwikkelaars aan een zo
creatief plan als 'Waterman en voor je het weet overschreeuwt men de
oorspronkelijke visie met reclameteksten als 'Manhattan by the North
Sea' – terecht dat het plan dan geen kans meer maakt. Het misverstand
is compleet, en wordt het niet opgelost dan zal de willekeur rond en in
het IJsselmeer leiden tot verdere aantastingen en ingrepen, tot een
mislukt Watermanplan en tot verdere landschapsverloedering.
Een FlevoWetlands-concept betekent voor de Randstedelijke stress
opluchting, adem, ruimte, verrassing en herstel. Er ligt een grote kans
open voor een 'maanlandingseffect' dat alle betrokkenen een enorm
perspectief biedt. Natuur en milieu zijn het uitgangspunt, en afgeleid
daarvan ontstaan nieuwe perspectieven voor de vogelstand, de visserij,
de waterkwaliteit, de ruimtelijk ordening, de recreatie en pas als
laatste functies urbane structuren en bedrijvigheid. Dat er consensus
over route en betekenis kan ontstaan is een functie van de
bereidheid van alle betrokkenen om de hiërarchie van de belangrijkheid
om te keren ten opzichte van de benaderingen uit het verleden: de
natuur komt nu eerst. De Oostvaardersplassen waren het begin. Nu moeten
we streven naar een volgende schepping en daarmee de ommekeer in het
denken over natuur, milieu en toekomst gestalte geven.
Het concept begint aan de Afsluitdijk, die aan beide zijden wordt
uitgebreid om de strakke huidige gradiënt, die de oorzaak is van de
vogelslachting, te vervangen door een landschappelijke
diversiteit waarin vogels zich op grotere afstand van dijk en weg
zullen vestigen. Hetzelfde geldt voor de overige foute gradiënten
(wegen, dijken, basaltkeien). Wie hiermee begint ziet meteen de kansen
die ontstaan: ruime, zeer gevarieerde landschappen, wetlands,
rietlanden en plasgebieden met een uitbreiding van de huidige kustlijn
tot zo'n zeshonderd kilometer.
Dit is het startpunt van het ontwerp. Ook een startpunt is dat er geen
(hoge) basaltdijk meer wordt gebouwd. Het gebied bestaat uit opgespoten
zand- en kleiplaten en tientallen kleinere poldergebieden met zo laag
mogelijke dijkjes, kaden en uiterwaarden. De veiligheid wordt niet
gediend met barrières, maar door flexibiliteit en variatie. De
inrichting van het gebied is niet mathematisch maar willekeurig. Het
oude landschapspatroon wordt erop geprojecteerd.
In het Noordelijke nieuwe wetland ontstaat een watersportruimte die
gelijkwaardig is aan het totale huidige Friese areaal. Het is niet waar
dat het vele water dat er nu ligt in enige identieke behoefte kan
voorzien. Daarvoor zijn diversiteit, landschap en verrassing nodig. De
kusten van de nieuwe gebieden bestaan uit honderden inhammen, waarden,
kleinere plassen en, aan de Waddenkust, kwelders.
Wie infrastructuur en waterbouw zegt, denkt meteen aan dijken, bruggen
en sluizen. Toegankelijkheid staat voorop. Dat is hier echter juist
niet de bedoeling. Het is niet gewenst het nieuwe landschap zo open te
leggen dat het in luttele uren te doorkruisen valt. Integendeel. Ponten
en bruggen doen het werk, en het belangrijkste openbaar vervoer wordt
de catamaran. Er komen geen snelwegen.
Men neme een kijkje in Schotland, Zweden, Noorwegen, Denemarken en
Noord(oost)-Duitsland om vast te stellen dat men aldaar het waterrijke
landschap divers en boeiend houdt juist door het niét open te leggen.
Ik ga ervan uit dat het in de toekomst gewoonte zal worden om
investeringen in natuur, landschap en infrastructuur als kapitaalwinst
te beschouwen, c.q. dit alles te activeren in de balans van een land.
Vanuit die hypothese leidt FlevoWetlands tot een (grote) toename van
het natuurkapitaal en daarmee van de welvaart.
Voor de (voorlopig) meer traditionele benadering zijn andere
rendementscriteria nog altijd van belang. Het plan voorziet in urbane
functies voor circa 150.000 woningen, verspreid over een twintigtal
kernen, van middelgroot tot klein. Ook voor hoogwaardige landbouw is er
plaats genoeg. Het gebied zal zo'n 30.000 permanente arbeidsplaatsen
opleveren.
Wie echter meteen kansen ziet om een stuk te reserveren voor Schiphol
II maakt een fatale vergissing. Het hele plan bestaat bij de gratie van
de noodzaak om een toekomstig perspectief te schilderen dat tot
duurzame kwaliteiten leidt. Voor de oude concepten van lawaai, expansie
en beheersing is daarin geen plaats. Om te verhinderen dat al te
gretige lieden met verkeerde bedoelingen zich meester maken van het
perspectief is het daarom gewenst om het geheel ter uitwerking te geven
aan een virtueel ingenieursbureau van HBO'ers, de Nix-generatie. Zij
zijn tenslotte de enigen die het recht hebben om de betere toekomst
vorm te geven.
Kader:
Vanmiddag vond in het vogelgebied De Ackerdijkse Plassen een
presentatie plaats van de nieuwe telefoonkaarten waarop aandacht wordt
gevraagd voor het werk van Vogelbescherming en SIMAVI, met name op de
waterprojecten van deze organisaties. Wouter van Dieren hield daarbij
een inleiding over 'Nederland Droogland - Natland'. Een deel van dat
betoog wordt hier afgedrukt. Wouter van Dieren is directeur van
IMSA-Amsterdam en lid van de Club van Rome. Hij was in 1971
initiatiefnemer van de Stichting Markerwaard van de kaart, en in 1972
mede-oprichter van de Vereniging tot Behoud van het IJsselmeer.
Terug 
|
|
|
|